Voordrachtsbrief Groenendijk

Wij van AmFiBi zijn unaniem tot het besluit gekomen prof. dr. J.A.G. Groenendijk voor te dragen voor de docent van het jaar verkiezing.

Wij zullen proberen om, binnen de grenzen van de taal, onze waardering uit te drukken voor Jeroen Groenendijk. Immers, er is niemand die de Tractatus-Logico-Philosophicus van Ludwig Wittgenstein zo goed kan uitleggen als Jeroen Groenendijk. Alle eerstejaars wijsbegeerte studenten worden in de eerste weken van  hun studie direct geconfronteerd met de Tractatus bij het vak Logica en de Linguistic Turn – het vak dat in 2007 de onderwijsprijs van de faculteit der geesteswetenschappen heeft gewonnen – en iedere wijsbegeerte student kent daarmee ook de ondoordringbaarheid van de Tractatus. Maar Jeroen Groenendijk heeft het talent om de Tractatus dezelfde transparantie te geven als Jip en Janneke.

Waar komt dit talent vandaan? Het komt enkel en alleen voort uit de passie en betrokkenheid die Jeroen Groenendijk heeft voor zijn vakgebied en het lesgeven. Want het moet gezegd worden dat Groenendijk niet alleen een briljant wetenschapper is – schrijver van het boek Gamut, dat zelfs in Amerika wordt gebruikt als leerboek; verbonden aan het prestigieuze ILLC; honderden wetenschappelijke publicaties staan achter zijn naam; &c. -  maar dat hij vooral, nota bene, als zijnde hoogleraar taalfilosofie, bereid is om veel van zijn kostbare tijd te steken in lesgeven, zelfs voor studenten in het eerste jaar! Groenendijk laat daarbij op geen enkele manier blijken dat lesgeven hem te min is. Als een collega verhinderd is, door ziekte of vakantie, zal Groenendijk de eerste zijn die de les overneemt. En als Groenendijk lesgeeft hangt de hele werkgroep aan zijn lippen. Hij geeft enthousiast en levendig les. Dit doet hij door de studenten actief te betrekken in het college. Op een humoristische manier verwacht hij dat de studenten participeren in de werkgroep. Het zou ontzettend makkelijk zijn de stof voor de klas uit te leggen, en te hopen dat iedereen het meekrijgt, maar Groenendijk wil juist reactie vanuit de klas. Toen wij onder de studenten wijsbegeerte wat navraag deden over Groenendijk, hoorden wij vaak van studenten die normaal wat verlegen zijn, en geen vragen durven te stellen, dat zij in de colleges van Groenendijk als enige juist wél vragen durfde te stellen. Dit toont dat Groenendijk de studenten stimuleert zelf na te denken over de stof, en dat hij de stof niet wil voorkauwen voor de studenten.  Zijn manier van lesgeven heeft iets heel opzwepends.

Hoewel zojuist verteld is dat Groenendijk de stof levendig weet te brengen, en een groot gevoel voor humor heeft, betekent dit niet dat de vakken die hij geeft een lachertje zijn, waar je fluitend met twee vingers in de neus een 8, of hoger voor kan halen. Groenendijk schuwt het niet moeilijke stof op te geven, zoals predikatenlogica, of om pittige tentamens te geven. Daarbij is Groenendijk misschien wel de enige docent die de studenten ieder college het belang van het maken van de opdrachten op het hart drukt, omdat anders het vak nooit gehaald zou kunnen worden. De toetsen die hij geeft zijn moeilijk, maar zeker niet onmogelijk. De tentamens stimuleren de student nog eens extra na te denken over de stof, en vaak juist ná het tentamen is de stof nog duidelijker, dan voorheen. Uiteraard worden deze tentamens vervolgens teruggegeven met een uitgebreid commentaar en punten ter verbetering. Ook is hij altijd bereid nog even mondeling door te gaan op de het tentamen.

Toch is het juist de humoristische inslag die maakt dat veel van zijn uitleg de studenten lang bij blijft. Groenendijk zegt dat hij ‘kippenvel krijgt, iedere keer als hij het einde van de Tractatus “Waarover men niet kan spreken, daarover moet men zwijgen”, leest’. Dit soort uitspraken blijven studenten altijd bij, maar toont ook de enorme passie die hij heeft voor zijn vakgebied. Groenendijk staat met zijn benadering van lesgeven daarom ook dicht bij de studenten. Wij hebben reacties gehoord dat Groenendijk tenminste nog echt contact maakt met zijn studenten. Hij stuurt geen zouteloze afgeraffelde mailtjes, maar spreekt studenten, tijdens de colleges, of op straat, persoonlijk aan.

Als wetenschapper heeft Groenendijk zijn erkenning al gekregen. Jeroen Groenendijk mag zich binnen zijn vakgebied tot ‘de groten der aarde’ rekenen. Juist daarom is het zo bijzonder dat hij tegelijkertijd zo gepassioneerd les geeft. Groenendijk zou rolmodel moeten zijn voor alle geleerden aan de UvA. Alle grote geleerden moeten het voorbeeld van Groenendijk volgen, omdat hij de studenten enthousiast kan maken voor zijn vakgebied, en omdat hij de ingewikkelde problemen op begrijpelijke wijze aan de studenten kan overbrengen. Hij is zo’n docent die men op de UvA moet koesteren.

 

 

Laatst bewerkt op: 02-12-2008